Turf werd al in de Romeinse tijd als brandstof gebruikt.
Het grootschalig winnen van turf in de Lage Landen begon echter pas in de late middeleeuwen, rond de 12e en 13e eeuw.
Daarvoor staken mensen af en toe kleine hoeveelheden veen voor eigen gebruik.
Toen hout steeds schaarser werd, ontstond er behoefte aan een alternatief. Daarom kwam de georganiseerde turfwinning op gang,
vooral in gebieden zoals West-Brabant en Zeeuws-Vlaanderen.
In de 15e en 16e eeuw groeiden de steden snel, waardoor de vraag naar brandstof sterk toenam. Hierdoor namen zowel de
turfwinning als de handel in turf een grote vlucht.
Rond 1530 bereikte men bij het turfsteken het grondwater. Daardoor werd het moeilijk om nog turf uit te steken en stapte men
over op een nieuwe methode: het baggeren van veen. Deze techniek staat ook bekend als slagturven.
Het steken van turf begon half maart en het seizoen duurde tot eind juli. De turf kan aangestoken worden als er genoeg gedroogd is en het water er uit is.
De Turfsteker laat op uw evenement allerlei gereedschap zien en neemt een authentieke kruiwagen en een lading turf mee. Hij kan er hele verhalen over vertellen.